De grote bedieningsvaardighedenquiz

Quizvragen voor 'Bedieningsvaardigheden'

Beschikbaar vanaf: 08-08-2012
Laatst gespeeld op: 22-09-2020
Aan welke kant moet het theelepel bij de koffies? opzoeken
Rechts
Links
In het kopje
Onder het oortje
Boven op het kopje
Wie mogen kindergerechten? opzoeken
65 +
Alleen t/m 12 jaar
Alleen t/m 11 jaar
Kleuters / Peuters & Kinderen
Iedereen
Met welke dressing wordt een gemarineerde zalmcarpaccio geserveerd? opzoeken
Satesaus
Salisaus
Champ. Saus
Sesamdressing
Er is een klacht, wat doen je? opzoeken
Ik meldt dit meteen aan mijn leidinggevende
Probeer in eerste instantie zelf op te lossen en lukt het niet communiceer het met je leidinggevende
Ik los het zoveel mogelijk zelf op en geef het door aan mijn leidinggevende
Ik roep vanuit het restaurant mijn leidinggevende
Meneer / mevrouw ik kan u hiermee niet helpen
Er is een probleem met een collega, welke actie onderneem je? opzoeken
Zand er over en na werk uitpraten
Naar buiten lopen en uit praten
Op de vuist gaan
In het restaurant (welliswaar achter de bar) rustig uitpraten
Waarmee is Varkensmedaillons omwikkelt? (juiste volgorde) opzoeken
Omwikkelt met prei en spek
Broccoli en gebakken spek
Spek en gele paprikasaus
Varkensmedaillons zijn niet omwikkelt
Tomatendressing, rucola en spek
Met welke saus wordt Duo van Lam begeleid? opzoeken
Salisaus
Begeleid met pruimensaus
Zachte pestosaus
Roquefortsaus
Honingsaus
Wat mag er bezorgd worden? opzoeken
Alles behalve soepen en nagerechten
Alles behalve soepen
Alles behalve soepen en desserts
Alles behalve soepen en ijs
Alles
Een gast komt binnen en wilt aan een tafel zitten, wat doe jij? opzoeken
Loopt met de gasten mee naar de juiste tafel
Bied eerst een zitplaats en vervolgens de juiste tafel
Vraagt naar de naam en controleert dit met de reseveringsboek en bied vervolgens een tafel aan
Biedt de gasten een juiste tafel aan
Stuur door naar een andere collega
Je gast vraagt aan tafal of hij/zij mag bestellen, wat doe jij? opzoeken
Ik neem niet op meneer, ik loop alleen (....) collega helpt u verder. moment
Moment collega komt zo bij u
Ik geef het door aan mijn collega
Ik neem de bestelling op en geef de bestelling door aan de collega die alle bestellingen opneemt voor deze dag.
Ogenblik geduld, collega komt u bestelling opnemen